Mindfulness introductie

Mindfulness is afkomstig uit het Boeddhisme. In de Boeddhistische traditie wordt mindfulness al 2500 jaar beoefend en toegepast en van leraar op leerling doorgegeven. Mindfulness speelt hierbij een rol bij tal van oefeningen. Van de oefeningen aan het begin van het pad waarbij mindfulness gecultiveerd wordt, tot aan de toepassing van mindfulness bij de meest geavanceerde oefeningen.
De beoefening van mindfulness is in de jaren '60 en '70 van de vorige eeuw naar het westen gekomen toen Boeddhistische leraren als Shunryu Suzuki, Thich Nhat Hanh, Chögyam Trungpa, Tarthang Tulku en anderen naar het westen kwamen. Later ontwikkelde Jon Kabat-Zinn (op basis van zijn ervaring met Boeddhistische meditatie) het "Mindfulness Based Stress Reduction" (MBSR) programma waardoor mindfulness in bredere kring bekend werd, en waarna ook andere methoden en therapieën, waarbij mindfulness een rol speelt, ontwikkeld zijn. Zo is bijvoorbeeld, op basis van MBSR, "Mindfulness Based Cognitive Therapy" (MBCT, aandachtgerichte Cognitieve Therapie) ontwikkeld door Mark Williams, John Teasdale en Zindel Segal, vooraanstaande wetenschappers op het gebied van de psychologie en psychiatrie. En later is via onderzoek, geïnitieerd door Kristin Neff, het ook duidelijk geworden dat "mindful self-compassion" een benadering is die vele voordelen heeft voor mentaal welzijn en heeft zij samen met Christopher Germer een 8 weekse training voor het cultiveren van zelfcompassie, "The Mindful Self-Compassion (MSC) program" genaamd, opgezet. Gerelateerd hieraan is de ontwikkeling van "Compassion focussed therapy" (CFT) door Paul Gilbert, een professor in de klinische psychologie. Erik van den Brink en Frits Koster hebben op basis van het werk van Paul Gilbert, Christopher Germer, Kristin Neff en Tara Brach de training Mindfulness-Based Compassionate Living (MBCL), ook wel compassietraining genoemd, opgezet.
Het werk van Daniel Siegel, een hoogleraar in de psychiatrie, gaat in op integratie, een kwaliteit van mindfulness.
Tegenwoordig wordt mindfulness gezien als de basis voor emotionele intelligentie en is er dankzij het neurowetenchappelijk onderzoek door wetenschappers zoals Richard J. Davidson, hoogleraar aan de universiteit van Wisconsin–Madison, steeds meer wetenschappelijk bewijs voor de positieve effecten van mindfulness op de hersenen. Op dit moment staat mindfulness in grote belangstelling en wordt mindfulness ook in bedrijven, ziekenhuizen en in het onderwijs toegepast.
Mindfulness verwijst naar het onbevangen aanwezig zijn of anders verwoordt naar het ontspannen rusten in, of zijn bij, de natuurlijke stroom van ervaren. Bij mindfulness ben je als deelnemer volledig betrokken en geen buitenstaander, zodat er contact is met de processen die zich voordoen, maar zonder hierbij "gevangen" te zijn in deze processen. In de hierna vermelde soetras heeft de Boeddha het bijvoorbeeld over "Het observeren van het lichaam in het lichaam". De traditionele beoefening van meditatie in het Boeddhisme leidt tot een toename in het vermogen om mindful aanwezig te zijn. Deze oefeningen zijn door Gautama Boeddha, zo'n 2500 jaar geleden uiteengezet in o.a. de Anapanasati en Satipatthana soetras.
The more steady mindfulness becomes, the more you free yourself of the subtle fears accumulated through years of conditioning. You can become self-sufficient, connected with knowledge that comes from the depth of your being, able to engage all kinds of experience with confidence.

"The joy of being, advanced Kum Nye Practices for Relaxation, Integration & concentration" - Tarthang Tulku
In de overige pagina's wordt ingegaan op aspecten van mindfulness (zoals de betekenis, non-doing, openheid en acceptatie) en op mindfulness in bepaalde situaties (zoals bijvoorbeeld bij fixatie op gedachten-patronen, emoties etc).